DE GEMEENSCHAP

Het westvenster. Hoe treed je binnen in het hart van de gemeenschap? Via de deur van de dienstbaarheid. Elke keer als je naar binnen gaat zie je dat het gaat om het wassen van de voeten. Niet van de oren.

Het gaat om wassen en je laten wassen. Dienen en je laten dienen. Gul geven en kunnen ontvangen. Wie de ander liefheeft blijft in het licht. Twee mensen gedreven door dezelfde Geest. Een drievoudig snoer wordt niet spoedig verbroken.

Gemeenschap als nieuwe schepping. Rond de tafel, brood en wijn, de maaltijd met elkaar delen. Niet als symbool maar als levende werkelijkheid. De tafel klapt halverwege om. Een omkering, vernieuwing, transformatie. Steeds opnieuw noodzakelijk.

Jezus zegenend en omarmend, zijn gelaat en handen laten ongebroken het witte licht door. Gij zijt mijn handen.

De jakobsladder klimt op naar hemelse sferen, en de doodsladder voert ons naar het dodenrijk.